Een extreme tocht door het ultieme noorden van Europa

0

NOOIT MEER SLAPEN

Een verhaal van Tjeerd Langstraat

De enorme man naast me helt vervaarlijk naar rechts. Gegrom stijgt uit hem op, terwijl zijn dikke armen leunen op zijn imposante borst. Ik probeer hem te ontwijken. Te laat. Met een lichte zucht vlijt hij zijn hoofd tegen mijn schouder. Opeengeklemd tussen enerzijds het vliegtuigraam en anderzijds de slapende reus, zit ik de korte vlucht van Oslo naar Alta in het noorden van Noorwegen gelaten uit. Het is de eerste beproeving die ik zal ondergaan op mijn reis over het Finnmarkplateau, dat in zijn geheel boven de Poolcirkel ligt.

HET TEAM

De ijzige hoogvlakte zal de komende dagen mijn leefgebied zijn als ik op ouderwetse houten Noorse legerski’s het plateau over zal steken. In een hut net buiten Alta ontmoet ik mijn reisgenoten: Rogier, een Hollander die deze expeditie aangrijpt om te trainen voor zijn komende expeditie op Groenland, en die mijn roomie zal zijn. Ian, oud RAF-officier met zijn Spaanse vrouw Ana. Isla en Vicky uit Groot-Brittannië, twee ex-militairen. Beiden hebben vorig jaar een ernstig ongeval gehad. Zo is Isla tijdens het skiën in een honderd meter diepe kloof gevallen waardoor ze lange tijd in coma heeft gelegen. Beide dames willen kijken in hoeverre ze hersteld zijn van hun verwondingen en welke extremiteiten en uitdagingen ze weer aankunnen. En tot slot Franziska, een Duitse journaliste.

Liv is onze gids en dochter van de befaamde Sven Engholm: de man die elf keer de ‘Finnmarksløpet’ heeft gewonnen. Met een afstand van ongeveer duizend kilometer, de langste en zwaarste sledehond race in de wereld. Kasper, een Deen die enkele jaren op Groenland heeft gewoond en het liefst buiten slaapt omdat hij niet tegen warmte kan, ondersteunt Liv.

LAATSTE NACHT MET PRIVACY

De eerste nacht brengen we door in een hut. Het is de laatste nacht dat ik enige vorm van privacy heb, want de komende dagen zal ik 24/7 op pad zijn met deze groep en de nachten met Rogier doorbrengen in een krappe tent. Vroeg in de ochtend testen we alle spullen die we letterlijk op sleeptouw zullen nemen. De sledes waarin we de tenten vervoeren, het eten, gereedschappen, warme laarzen voor als we het kamp hebben opgemaakt. De lijst is schier oneindig en terwijl Kasper onze persoonlijke materialen controleert, zetten wij met Liv onze tent op om even te oefenen.

Het weer is prima, koud en helder zonder wind. Er wordt ons verteld dat de omstandigheden om een tent op te zetten waarschijnlijk niet elke keer zo goed zullen zijn. Nadat we alle spullen hebben ingeladen, rijden we naar de rand van een enorm bevroren meer. Het startpunt!

LET’S GO!

We laden de auto’s uit en beginnen op aanwijzen van Liv en Kasper de spullen te verdelen over de sledes. Het is ijskoud, voornamelijk door de snijdende wind die raast over dit vlakke stuk witte woestenij. Het groepsgevoel is nog niet alom aanwezig. Ieder is voor zich bezig zijn slee te vullen en de laatste voorbereidingen te treffen. Na een dikke twee uur wanneer iedereen klaar is, dalen we de helling naar het meer af en maken we de sledes vast aan ons middel. De eerste kilometers zullen ons naar een basiskamp voeren waar we een allerlaatste keer onze spullen kunnen checken voordat we werkelijk outdoor gaan en van mens en dier verstoten zullen zijn.

De ski’s zijn anders dan de langlaufski’s die ik gewend ben. Deze ski’s zijn breder en de bindingen zijn ouderwetse veerbindingen waardoor je er met je eigen schoen altijd inpast. Dat klinkt ideaal, maar niets is minder waar. Het zijn stugge bindingen en staan eigenlijk altijd net te los of net te strak gespannen. Bij sommigen schiet de binding dikwijls los, een broodnodige taak om die in het basiskamp goed af te stellen voor de tocht aanvangt.

BASISKAMP

We zetten er flink de pas in en komen na ongeveer drie uur aan in het basiskamp. De dagen zijn nog kort, in tegenstelling tot de nooit ondergaande zon in het boek ‘Nooit meer slapen’ van W.F Hermans. De twee husky’s die mee zijn en ook een slee trekken worden in een kennel gezet en voorzien van water en wat te eten. Wij krijgen onze laatste maaltijd met vast voedsel: de rest van de trip zullen we dryfood eten.

Het diner bestaat uit een bouillon met gekookt rendiervlees, wortelen en aardappel in de schil. Als dessert krijgen we room met hand geplukte blueberries. Een stevig maal dat gretig wordt verorberd na de inspanning van deze eerste dag. Die nacht slapen we gezamenlijk in een onverwarmde hut. Iedereen rommelt nog wat met zijn spullen, schrijft in dagboekjes of kruipt direct diep weg in zijn slaapzak.

Ik hou mijn thermo-ondergoed aan. Het is koud, het kwik buiten is gedaald tot tegen de -20. Binnen is het aangenamer. Een gezonde spanning maakt zich van mij meester. We hebben na het diner nog eenmaal de veiligheidsinstructies gehad. Wat te doen als je vingers bevriezen, wat te doen als je te veel zweet, of hoe te handelen wanneer iemand in de groep verdwaald of gewond raakt. Ik heb er zin in, een paar dagen afzien en bikkelen en volledig aangewezen zijn op jezelf en de groep mensen met wie je bent.

WE GAAN OP PAD

De dag begint voorspoedig. Gister in de namiddag ontmoetten we een jonge Sami-herder die ons aan heeft geboden om deze ochtend rond 6:30 uur op de sneeuwscooter mee te gaan de hoogvlakte op naar een deel van zijn kudde rendieren. Na een ritje van twintig minuten begeven we ons op een wat hoger gelegen veld met her en der dorre takken.

De kudde loopt verspreid over de vlakte en graast rustig door, terwijl wij als ware toeristen een berg foto’s schieten. De zon komt net op en geeft het geheel een mooie gloed. Lees verder op Snowrepublic.nl

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in


The maximum upload file size: 3 MB.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.