Lees hier alles over wintersport in Innsbruck en omgeving


 

We zitten nog niet zo lang in de herfst, maar voor Rijkswaterstaat is het strooiseizoen alweer begonnen. Dit strooiseizoen loopt van 1 oktober tot 1 mei. Degene die bepaald of er wegen gestrooid gaan worden is de zogeheten ‘gladheidscoördinator’. Vanaf deze winter ben ik (Sebastiaan) één van de gladheidscoördinatoren bij Rijkswaterstaat en via een blog wil ik een inkijkje geven in de werkzaamheden en het wereldje de aankomende winter.

De sneeuwploegen staan al klaar voor gebruik op het steunpunt in Houten van Rijkswaterstaat langs de A27.

Gladheidscoördinator

Als gladheidscoördinator ben je kortweg verantwoordelijk voor het nemen van de juiste strooibeslissing. En dat is soms lastiger dan het lijkt! Op dagen dat er sneeuw valt is die beslissing niet zo moeilijk, maar vaker in Nederland heb je te maken met kwakkelweer. Als je te laat strooit dan bestaat er een groter risico op ongelukken, maar strooi je onnodig is dat ook weer zonde. Elke strooiactie kost geld en ook het milieu wordt dan onnodig belast. We onderscheiden twee soorten strooiacties, preventief en curatief. Preventief is het voorkomen van gladheid, curatief het bestrijden van gladheid.

Een coördinator heeft een week lang de oproepdienst. Hij is 24/7 bereikbaar voor collega’s op de weg (weginspecteurs) en op de verkeerscentrales. Ook staat hij als het spannend gaat worden telefonisch in contact met het KNMI. Als gladheidscoördinator monitor je continue het weer en de situatie op de weg. Hiervoor staat het GMS ter beschikking; GMS staat voor gladheidmeldsysteem. Dit systeem geeft de temperatuur aan van het wegdek en de lucht. Ook de luchtvochtigheid, dauwpunttemperatuur, neerslag en eventuele bodemtemperatuur is af te lezen. Daarnaast kan er via de geleiding, met lussen in het wegdek, bepaald worden of het wegdek nat is en hoeveel zout er nog op het wegdek aanwezig is. Water is is een prima geleider, zout een nog veel betere. Des te hoger de geleiding des te meer zout op de weg dus! Aan de hand van al deze informatie, samen met je kennis en ervaring neem je een besluit.

De lussen verbinden de meetpunten (cilinders) met elkaar in het wegdek. Bron: weginspecteur Wim van Rijkswaterstaat op Twitter.

Gladheid en bestrijding

Gladheid op de weg is simpel te definiëren; om gladheid te laten ontstaan er moet vocht op het wegdek aanwezig zijn en de wegdektemperatuur onder 0 zijn. Indien het vriest, maar je ziet in het GMS bijvoorbeeld dat de weg droog is, is er geen gevaar op gladheid. We onderscheiden drie manieren waardoor een wegdek glad kan worden;

  • Het bevriezen van een natte weg, bijvoorbeeld na buien of regen eerder op de dag.

Belangrijk bij dit soort gladheid is dat er goed getimed wordt wanneer de strooiwagens uitrijden. Als er gestrooid is en er valt nog een laatste bui, dan is veel van het zout al weer van de weg gespoeld.

  • Gladheid door neerslag (sneeuw en ijzel).

Tegen ijzel is het lastig strooien. Bij ijzel bevriest de onderkoelde druppel direct bij contact met wat dan ook. Het zout raakt als het ware ingekapseld door ijs. Bij sneeuwval is het belangrijk om preventief te strooien. Zout onder een sneeuwdek voorkomt dat de sneeuw zich gaat hechten aan het wegdek en ijsplaten kan veroorzaken. Bij sneeuwval blijven de strooiwagens zolang het sneeuwt curatief strooien. Het smeltwater van de gesmolten sneeuw verdunt namelijk het zout snel. Hierdoor gaan er bij sneeuwval ook sneeuwploegen voorop de strooiwagens. Minder sneeuw op de weg betekent minder sneeuw wat door het zout gesmolten moet worden.

Een curatieve strooiactie bij sneeuwval op de snelweg. Hierbij rijden de sneeuwschuivers in een ‘staffel’. Stap voor stap schuiven ze de sneeuw naar de berm. Bron: Rijkswaterstaat.
  • Condensatiegladheid.

Condensatiegladheid ontstaat door rijpvorming of bevriezing van een wegdek wat door condensatie nat is geworden. Hierbij komen de termen relatieve luchtvochtigheid en dauwpunttemperatuur kijken, we duiken hiervoor wat verder de meteorologie in.

De lucht waarin we leven bevat waterdamp. Koude lucht kan minder waterdamp bevatten dan warme lucht. De relatieve luchtvochtigheid geeft aan hoeveel waterdamp de lucht bevat ten opzichte wat die betreffende luchtsoort maximaal kan bevatten. Indien de relatieve luchtvochtigheid maximaal is, 100%, ontstaat er mist. De temperatuur waarbij een bepaalde luchtsoort die maximale verzadiging bereikt noemen we de dauwpunttemperatuur.

Door instraling van de zon wordt de aardbodem verwarmt. De bodem straalt deze warmte uit en verwarmt de lucht. Daarom is het overdag dicht aan de grond het warmst, en steeds verder hogerop kouder. In de avond en nacht werkt dit andersom. De bodem straalt de warmte uit en dan is dat dicht aan de grond het koudst. Hierdoor is het op heldere nachten het koudst, bewolking werkt namelijk als een deken en kaatst de warmte weer terug. Ook is het tijdens de koudste nachten windstil, wind mengt namelijk de koude lucht aan de bodem met de nog warmere lucht hogerop en remt dus ook de afkoeling.

Een deel van de warmte zit opgeslagen in de bodem en compenseert deze afkoeling tijdens de avond en nacht. Dit noemen we een ‘warmte reservoir’. Vandaar dat het in het begin van de winter, of na een zachte periode, wat langer duurt voordat er gladheid ontstaat.

Bodemwarmte goed zichtbaar. Er valt sneeuw na een periode van zacht weer, maar door het ‘warmte reservoir’ blijft de sneeuw op straat niet goed liggen. Objecten en ook gras hebben geen ‘warmte reservoir’ of voldoende isolatie hiervan (gras). Foto uit eigen archief.

Voorwerpen en objecten hebben geen ‘warmte reservoir’, bijvoorbeeld bruggen, viaducten en auto’s. Deze hebben namelijk geen dikke laag om warmte in op te slaan. De temperatuur van deze objecten kan hierdoor lager zijn dan de lucht of de grond en dus eerder bevriezen. Indien deze objecten ook afkoelen tot onder de dauwpunttemperatuur dan worden deze nat door dauw, oftewel condensatie. De lucht die vlak langs het koudere oppervlak strijkt koelt af, kan minder waterdamp bevatten, en slaat neer als condens.

Indien de temperatuur van de lucht onder 0 is spreken we van rijp, anders is het bevriezen van het natte wegdek door de condensatie. Condensatie kan ook optreden na een koude periode. De lucht is al warmer, maar de bodem straalt nog de kou uit van een winterse periode. Het wegdek is dan door condensatie constant nat en kan in de nacht ook weer snel onder het vriespunt komen.

Type wegdek, bodem en omgeving

Sommige typen wegdek of bodem zijn eerder koud dan anderen. Dit heeft ook te maken met de isolatie van de bodem. Zo is een wegdek bestaande uit ZOAB (zeer open asfalt beton, hier bestaan veel snelwegen uit) een stuk eerder kouder. Dit komt door de vele poriën in dit type wegdek die gevuld zijn met lucht en isolerend werken. De opgeslagen bodemwarmte heeft minder impact. Om diezelfde reden is het boven zandgronden ook eerder koud. Dit werkt echter ook andersom; de opwarming boven zand wordt ook niet geremd door een koelere bodem. In de zomer is zand in de zon loeiheet, graaf een stukje weg en de bodem is een stuk kouder.

Ook een lagere ligging van een wegdek, in de schaduw of vlakbij bevroren wateren zijn kouder. Terwijl veel objecten of open water in de omgeving juist weer warmte kunnen uitstralen. Kleigrond koelt door het vele vocht in de bodem minder hard af, maar warmt ook weer minder snel op na een koude periode. Zo zien we bij dooiaanvallen het tegenovergestelde. De wegdek temperatuur boven zandgronden is dan sneller boven 0 dan het wegdek op een kleigrond.

Een gladheidscoördinator kent de koudste plekken in zijn strooigebied en kent ook de invloeden van bodemtype en omgeving. Zo zijn de locaties van de meetpunten van het gladheidmeldsysteem ook altijd wel overwogen gekozen, zodat de meest koudste plekken als graadmeter het beste zichtbaar zijn.

De zoutloods van Rijkswaterstaat in Breda,

Tot zover deze blog. Een volgende blog ga ik dieper in op het materieel, strooimethoden en wat er allemaal aanwezig is op een strooipunt. Als er deze winter mooie strooi situaties ontstaan hoop ik zeker daar een mooi verhaal over te kunnen gaan schrijven. Allen een fijne dag en graag tot de volgende blog of het volgende weerbericht! Groet Sebastiaan.

De uitgelichte afbeelding komt van www.rijkswaterstaat.nl.

Gastreporter of weerman?

Mocht je overigens ook eens willen bloggen over jouw reiservaringen in de Alpen of de Lage Landen of zelfs weerberichten willen schrijven voor het sterk groeiende platform van Alpenweerman neem dan contact met ons op via info@alpenweerman.nl


Innsbruck, SalzburgerLand en NKBV zijn partners van Alpenweerman.