Een uitgeputte poolwervel gaat weer in zomerslaap!

0

De komende dagen zegt de poolwervel in de stratosfeer definitief vaarwel. We nemen dan ook afscheid na een heel interessant jaar, met een krachtige plotselinge opwarming (SSW) in februari. De effecten van deze SSW waren als uit het boekje! In deze blog meer over de ‘zomerslaap’ van de poolwervel, een terugblik naar de ‘perfecte’ SSW en alvast een korte blik vooruit naar volgende winter.

De lente is alweer even onderweg. Planten staan weer in bloei, de natuur wordt weer groener en de temperatuur heeft alweer een paar keer de 20 graden overschreden. Zo lijkt de winter ook alweer een hele poos geleden. Toch zijn er nog steeds tekens van winter te bekennen! De poolwervel, hoog in de atmosfeer, is namelijk nog steeds aan het rondtollen. Al gaat ook dat niet even hard meer.

Een korte uitleg van wat een poolwervel is, en wat die te maken heeft met ons weer, is hier te vinden!

Afzwaaien

Ook voor de poolwervel zijn de laatste dagen nu bijna geteld. De komende dagen verzwakt deze steeds meer, en het zal dan ook niet meer lang duren voordat de poolwervel van de kaarten is verdwenen. Dit gebeurt ieder jaar gemiddeld rond eind april

De reden waarom de poolwervel het alleen in het winterhalfjaar uithoudt heeft te maken met de zon. Deze poolwervel heeft namelijk heel koude lucht nodig hoog boven de pool om op gang te komen. Hoe kouder het is boven de pool ten opzichte van de lucht verder naar de evenaar, hoe sterker de poolwervel kan worden. In het winterhalfjaar staat de zon zó, dat het zonlicht de poolgebieden niet kan bereiken. Dit kennen wij zelf als poolnacht.

Zonder zonlicht kan de stratosfeer boven de polen perfect afkoelen. Daardoor ontstaat dus in het begin van het winterhalfjaar (in de herfst) een poolwervel die zich steeds verder versterkt.

Vanaf de lente ontvangt de Noordpool juist wel weer poollicht. Hierdoor warmt de stratosfeer ook weer op, met als gevolg dat de poolwervel steeds zwakker wordt en uiteindelijk verdwijnt. Deze maakt dan plaats voor een groot hogedrukgebied.

Ook nu zien we een zwakke poolwervel die langzaam steeds verder verzwakt. De temperatuur boven de pool loop ook steeds verder op. Op het kaartje hieronder is nog wel een kleine kern van lage druk boven Rusland te zien. Maar deze is heel zwak; dit is te zien aan dat er maar weinig lijntjes om het lagedrukgebied heen zitten. Weinig lijntjes betekent ook lage windsnelheden. De temperatuur ligt in de kern van de pool rond -55 graden.

9 dagen later, op 24 april, is er nauwelijks meer een poolwervel herkenbaar. Ook is de temperatuur gestegen tot ongeveer -50 graden.

De poolwervel zwakt de komende dagen steeds verder af. Is op zondag 15 april nog wel een duidelijke kern te zien boven Rusland, 9 dagen later is deze kern bijna verdwenen.

Niet plotseling, maar rustig

Wat wel opvallend is, is dat het afzwakken van de poolwervel er heel rustig aan toe gaat. In sommige gevallen is de laatste opwarming van de poolwervel vrij explosief, en stijgt de temperatuur boven de pool binnen een paar dagen met meer dan 30 graden. Dan is er echt sprake van een plotselinge stratosferische opwarming (SSW). Maar in dit geval gebeurt dat dus niet. Dit is omdat de poolwervel al zo ver was verzwakt door de SSW van februari, dat er geen stevige opwarming en verzwakking van de poolwervel meer plaats kon vinden. Deze poolwervel gaat dus rustig haar zomerslaap in.

De ‘grote’ SSW van februari

Dan nog even terug naar de ‘echte’ SSW van 12 februari. Dit was er dus eentje uit het boekje! Tijdens de SSW steeg de temperatuur boven de pool met ongeveer 30 graden in heel korte tijd; echt een plotselinge opwarming dus!

Rond 12 februari steeg de temperatuur boven de pool in de stratosfeer met ongeveer 30 graden!

De effecten van een SSW op het weer aan de grond zijn volgens de theorie te zien ergens tussen 5 en 50 dagen nadat de SSW had plaatsgevonden. Vaak wordt de druk na een SSW in de buurt van de polen hoger, en in de subtropen juist lager. Hierdoor neemt de kans op koude-uitbraken toe. Maar dit is alleen als de hogedrukgebieden op de juiste plaats komen te liggen. En dat was -15-20 dagen na de SSW – aan het einde van februari en begin maart het geval!

Rond 28 februari kwam namelijk een hogedrukgebied precies boven Scandinavië te liggen. Toen werd met een stroming uit het oosten ijskoude Siberische lucht naar Nederland gevoerd. Het resultaat was dat een groot deel van Nederland in die week op het ijs stond!

Rond 28 februari was de druk in de buurt van de pool bijzonder hoog. Uiteindelijk kwam een hogedrukgebied precies boven Scandinavië te liggen, wat in Nederland zorgde voor een periode met ijskoud weer.

En dat zorgde voor veel schaatspret. Foto: Daan Bollinger, Hilversum.

Een tweede koude-uitbraak gelinkt aan de SSW van februari vond plaats halverwege maart. Deze koude-uitbraak was korter, maar deze uitbraak zorgde wel voor de koudste 18 maart in De Bilt sinds het begin van de metingen.

Volgend jaar geen SSW?

Na de SSW ‘uit het boekje’ van dit jaar is het de vraag of we volgend jaar weer een SSW kunnen verwachten. De kansen erop lijken voorlopig kleiner dan dit jaar. Dit is te koppelen aan een schommeling genaamd de QBO. Dit is kortgezegd een heel regelmatige schommeling van oosten- en westenwinden in de stratosfeer boven de evenaar. Is deze negatief, dan is de kans op een SSW groter. Andersom is de kans op een SSW bij een positieve QBO juist kleiner.

Voor komende winter staat een positieve QBO op het programma. Dat betekent dus een kleinere kans op een SSW. Daarmee is de kans op koude-uitbraken door een SSW komende winter volgend jaar ook kleiner. Of dat ook leidt tot een te zachte winter komend jaar is natuurlijk nog niet te zeggen.

Tot dan is het voor de poolwervel tijd om in een rustige zomerslaap te gaan. Tot volgend winterjaar!

 

Lars van Galen
Afgestudeerd als bachelor student aan de opleiding Bodem, Water, Atmosfeer in Wageningen. Hierna gaat hij aan zijn master Earth and Environment beginnen, met als specialisatie meteorologie.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here